x
De ECB voor de rechter

Livre

Zestig miljard euro per maand.

Daarmee probeert de Europese Centrale Bank (ECB) de economie van de eurozone nieuw leven in te blazen.

Het is één van de onconventionele maatregelen van het monetair beleid sinds 2010.

 

Het Europees monetair beleid onder vuur

Het beleid van de ECB stuit echter op steeds meer kritiek:

  • Past dit wel binnen het traditionele juridische kader voor een eengemaakt Europees monetair beleid?
  • Gaat de ECB haar boekje niet te buiten?
  • Vormen de aankoopprogramma’s voor overheidsschuld geen schending van het verbod op monetaire staatsfinanciering?

Naar aanleiding van het Gauweiler-arrest van het Hof van Justitie wil dit boek een antwoord bieden op deze vragen.

Wim Decock plaatst de crisismaatregelen van de ECB in hun bredere juridische en historische context. Daarnaast bespreekt hij hoe de Europese Monetaire Unie (EMU) veranderd is. Ten slotte licht hij de nieuwe rol toe van de ECB in de nasleep van de crisis.


Een nieuw evenwicht?

 Met dit boek krijgt u inzicht in de historische trauma’s en spanningsverhoudingen uit de lange ontwikkelingsfase van de EMU.

Net als het Hof in Luxemburg verdedigt dit boek de stelling dat het traditionele grondwettelijke kader en de onconventionele maatregelen naast elkaar kunnen bestaan.

2017

Wim Decock
49
Themis 101 – Medisch recht

Livre

In een eerste bijdrage toont professor Stefaan Callens hoe de wet op de uitoefening van gezondheidszorgberoepen wordt toegepast op de klinisch psychologen.

In de tweede bijdrage zoekt Prof. Herman Nys uit hoe het staat met de geplande hervorming van de wetgeving over de gezondheidszorgberoepen. Hij schetst een beeld van hoe de beroepen in de nabije toekomst zullen worden geregeld, met inbegrip van het tuchtrecht.

Prof. Geneviève Schamps heeft het vervolgens over de toepassing van de patiëntenrechten bij de beroepsuitoefening van de klinisch psychologen.

Tot slot gaat prof. Steven Lierman in op de recente ontwikkelingen in wetgeving en rechtspraak met betrekking tot de wet niet-conventionele praktijken. Hij heeft het over het artsenmonopolie en de verhouding met de wet uitoefening gezondheidszorgberoepen en de wet medische ongevallen.

2017

Steven Lierman, Geneviève Schamps
47
Twintig jaar Vlaamse Wooncode: hoe sterk is porselein?

Livre

In 1997 werd de Vlaamse Wooncode afgekondigd. In 2017 vieren we de 20ste verjaardag, een porseleinen jubileum. We kijken in dit boek terug naar twintig jaar ontwikkelingen op de Vlaamse woningmarkt.

Is de Vlaamse woningkwaliteitsbewaking ondertussen volwassen? Wat zijn de trends in woonbeleid en woonrecht? En hoe is het gesteld met sociale huisvesting? Ontdek het in deze publicatie.

2017

Bernard Hubeau, Tom Vandromme
95
Internering

Livre

Het nieuwe beleid in België: een metamorfose?

 In het Belgisch Staatsblad van 9 juli 2014 verscheen de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering van personen. Deze wet zou op 1 januari 2016 in werking treden ter vervanging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen abnormalen, gewoontemisdadigers en plegers van bepaalde strafbare feiten.

De inwerkingtreding werd later uitgesteld tot 1 juli 2016, maar het werd wenselijk geacht de interneringswet vóór de inwerkingtreding op een aantal punten vormelijk en inhoudelijk te repareren. Die reparatie werd gerealiseerd door de ‘Potpourri III’-Wet van 4 mei 2016 houdende internering en diverse bepalingen inzake justitie, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 13 mei 2016. De inwerkingtreding van de meeste bepalingen van de gerepareerde wet werd bepaald op 1 oktober 2016. Na een eerste publicatie “Internering: nieuwe Interneringswet en organisatie van de zorg” (uitgegeven bij die Keure in 2015) wordt de nieuwe wetgeving opnieuw onder de loep genomen.

Diverse actoren met expertise en ervaring op het vlak van internering geven antwoorden op de talrijke vragen één jaar na de publicatie van de gewijzigde Interneringswet. Hierbij ligt de focus op de betekenis van de nieuwe wetgeving voor de geïnterneerde persoon en op het interneringsbeleid als onderdeel van een ruimer plan.

Brandend actueel en onmisbaar voor iedereen die professioneel met dit thema in aanraking komt …

2017

Joris Casselman, Raf De Rycke, ...
35
Mijn inbox is vol: hoe lean omgaan met e-mail?

Livre

Ondanks de opkomst van sociale media is e-mail nog lang niet dood. In de professionele wereld groeit het gebruik ervan zelfs nog steeds. We zijn meer dan een kwart van onze werktijd bezig met e-mail. Maar heel weinigen hebben ooit een cursus gevolgd over wat een e-mailapplicatie kan en hoe u die mogelijkheden kunt gebruiken om efficiënter met uw e-mails om te gaan.

Verliest u ook kostbare tijd met het doorploeteren van uw mailbox? Stoort u zich aan de overload aan e-mails? Wilt u graag op een meer efficiënte manier aan de slag met uw mailprogramma? Luc Chalmet leert u met dit praktisch boek efficiënt omgaan met e-mails. Hij baseert zich daarbij onder andere op het lean gedachtegoed. Een aanrader voor wie enkele uren per week wil winnen!

2017

Luc Chalmet
25
Open normen in het individuele arbeidsrecht

Livre

Het Belgische individuele arbeidsrecht is vaak te star of te algemeen geformuleerd om de noden en belangen van de individuele werknemer en de werkgever tegenover elkaar af te wegen. Vanuit zijn traditioneel eenzijdige focus op de bescherming van de werknemer en zijn nadruk op rechtszekere oplossingen lijkt het individuele arbeidsrecht die afweging niet altijd door te voeren, of toch niet altijd op een even nadrukkelijke en transparante wijze.

Die vaststelling is nog meer voelbaar in de zogenoemde hard cases. Daarin beantwoorden de traditionele technieken van het Belgische individuele arbeidsrecht het gerezen geschil niet (passend) of niet voldoende duidelijk in het licht van de functies, de doelen en grondslagen van het arbeidsrecht. Dit boek toetst daarom de suggestie dat open normen, zoals de goede trouw of het rechtsmisbruikverbod, potentieel in zich dragen om genoemde hard cases wel afdoende op te lossen in het licht van diezelfde functies, doelen en grondslagen.

Het Belgische arbeidsrecht wantrouwt echter een transparant gebruik van open normen. Hun gebruik zou leiden tot rechts­onzekerheid en tot rechterlijke willekeur ten nadele van de ‘zwakke’ werknemer. Dit boek vertrekt daarentegen van de idee dat open normen de kans bieden om de dynamische realiteit van de arbeids­relatie en de daarin verborgen patronen te vatten.

Het boek gaat na:

  • of open normen hun in het contractenrecht erkende rol als belangenverzoenend correctiemechanisme ook kunnen vervullen in de context van de individuele arbeidsrelatie;
  • in hoeverre open normen de arbeidsrechter toelaten om het individuele arbeidsrecht ‘beter’ te doen aansluiten bij de evoluties op het ruimere niveau van de arbeidsmarkt;
  • in hoeverre open normen de arbeidsrechter toelaten om recht te doen aan de (verborgen) patronen en de complexiteit van de arbeidsrelatie.

2017

Aline Van Bever
119
Overgang van onderneming in het kader van de Cao nr. 32bis

Livre

De problematiek rond de overgang van onderneming en de sociaalrechtelijke gevolgen ervan is er een waar de invloed van het Europese op het nationale recht zich zeer sterk laat voelen. Het Hof van Justitie heeft zich reeds vele malen moeten uitspreken zowel over het toepassingsgebied van de richtlijn Overgang van Onderneming als over de gevolgen van de toepasselijkheid van de Richtlijn voor de betrokken werknemers en hun arbeidsvoorwaarden.

Dit boek behandelt de problematiek van de conventionele overgang van onderneming in zijn integraliteit. Hierbij wordt enerzijds gebruikgemaakt van alle gepubliceerde Europese rechtspraak van het Hof van Justitie en van de Belgische hoven en rechtbanken, en anderzijds van een massa aan ongepubliceerde Belgische rechtspraak.

Deze onderwerpen komen in het boek aan bod:

  • een uiterst grondige analyse van het toepassingsgebied van de Cao nr. 32bis;
  • de gevolgen van de overgang op de individuele arbeidsovereenkomst en arbeidsvoorwaarden van de werknemers;
  • de moeilijke problematiek van de cao's in het kader van een overgang van onderneming die gepaard gaat met een verandering van paritair comité;
  • het lot van de overlegorganen: de nationale organen (OR, CPBW, VA) en de Europese ondernemingsraad;
  • een analyse van informatie- en consultatieverplichtingen op nationaal en transnationaal vlak;
  • de mogelijke informatiestroom tussen overlater en overnemer.


Dit boek werd bijgewerkt tot 28 februari 2017.

2017

Chris Engels
96
Themis 100 - Gerechtelijk recht

Livre

Bent u op de hoogte van de actuele ontwikkelingen op het stuk van de gedingkosten? Gerechtskosten blijven voor de rechtspracticus een heet hangijzer. Dr. Sven Sobrie zal u inwijden in de belangrijkste actuele ontwikkelingen binnen dit domein zoals de omslag van de kosten, de saga van de verhoogde rolrechten en uiteraard de controverses rond de rechtsplegingsvergoeding.

Kent u de huidige stand van zaken in het bewijsrecht? Hoewel het bewijsrecht gedurende de afgelopen drie jaar niet aan grote wettelijke hervormingen onderworpen geweest, deden zich in de rechtspraak wel erg belangrijke ontwikkelingen voor die prof. Benoît Allemeersch en drs. Wannes Vandenbussche voor u zullen toelichten.

Prof. Stefaan Voet schetst enerzijds een overzicht van de ontwikkelingen in het gebied van het hoger beroep en anderzijds belicht hij de wijzigingen die de zgn. Potpourri I-wet op dit stuk heeft aangebracht. Hij zal vooral aandacht besteden aan de recente rechtspraak van het Hof van Cassatie en het Grondwettelijk Hof.

En kan u zeggen dat u nog helemaal mee bent met de recente ontwikkelingen inzake het recht op een eerlijk proces in de civiele rechtspleging? In een laatste bijdrage zet mr. Caroline Daniels alles nog eens op een rijtje voor u. Ze zal zich vooral focussen op de recente rechtspraak van het Europees Hof van de Rechten van de Mens en het Hof van Cassatie met betrekking tot art. 6 EVRM.

2017

Benoît Allemeersch, Stefaan Voet
45
Deviating from the principle of full compensation in Belgian tort law

Livre

As an exception to the rule that the loss lies where it falls, tort law shifts the loss on the basis of the tortfeasor’s responsibility. Key to the scope of the redress is the fundamental principle of full compensation. It is based on a traditional balancing of interests, where the interest of the innocent victim prevails over the interest of the guilty person. Yet, our increasingly complex society and the wide array of deviations calls for a reassessment of the absolute nature of the 200-year-old principle of full compensation. What if it becomes completely unfair to award a full compensation? How does one take into account that strict liabilities also spread the loss instead of merely shifting it?

Belgian tort law is faced with a major incoherence today. The principle of full compensation is confronted with numerous deviations. Although, in theory, the entire loss should be compensated without any possibility for the judge to moderate, in reality, different legal actors such as the legislator and the judge have tried to find solutions for unfair situations resulting from this principle of full compensation. For example, judges moderate on improper grounds for lack of an appropriate tool to moderate. This thesis has transcended the fragmentation and incoherent compartmentalisation by taking a bird’s-eye view. The tension between the absolute principle of full compensation and the numerous deviating systems is assessed by analysing important deviating systems and comparing Belgian law to Dutch and French law.

2017

Ilse Samoy, Sophie Stijns
69
Themis 99 - Vastgoedrecht

Livre

Prof. dr. Vincent Sagaert (KU Leuven) bespreekt de recente rechtspraak vastgoedrecht: eigendom, erfdienstbaarheden, vruchtgebruik, erfpacht en opstal, enz.

Prof. dr. Nicolas Carette (UA) analyseert vanuit praktijkgericht oogpunt de recente rechtspraak rond appartementsrecht.

Prof. Dirk Michiels (notaris, KU Leuven) licht de belangrijke rechtspraak rond toevallige en vrijwillige mede-eigendom en tontine toe.

Prof. dr. Ruud Jansen (notaris, VUB) en Prof. dr. Matthias Storme (KU Leuven en UA) zullen u onderhouden over het lot van zakelijke rechten in insolventie: beslag, faillissement, enz.

2017

Vincent Sagaert
52
Get up - start up

Livre

Realitycheck voor start-ups die zich willen ontpoppen tot meer

De voorbije jaren waren een rollercoaster in start-upland. Nooit eerder waren er meer start-ups en nooit eerder werd er meer in start-ups geïnvesteerd. Allemaal positief nieuws! Of niet? Ondanks deze positieve evolutie lopen we nog achter op onze buurlanden en spelen onze start-upsteden nog niet in de ‘eerste klasse’ van de ‘start-upcompetitie’. De belangrijkste uitdaging voor het Belgische start-up ecosysteem is… groei. En om te groeien is er meer scaling-upkennis, geld en ambitie nodig. Vooral in dat laatste element blijken wij misschien nog niet genoeg uit.

Wist je dat België nog geen Unicorn heeft voortgebracht? Dat is een start-up met een waardering van meer dan 1 miljard dollar. Landen als Nederland, Duitsland, Zweden en Israël hebben er wel. België heeft nochtans minstens evenveel kennis en middelen in handen. Daar valt dus veel meer uit te halen.

In dit boek over start-ups leer je alles over wat een start-up is, wat het niet is, wie de oprichters zijn, wat de uitdagingen zijn, in welke sectoren er nog kansen liggen en hoe je je team moet samenstellen. Maar het gaat evenzeer over businessmodellen, financiering en de nog ongekende wereld van waarderingen.

Innoveren en ondernemen is trouwens niet voorbehouden aan start-ups. Hoe zit dat bij grote ondernemingen? Dus ook de ‘intrapreneur’ verdient aandacht en komt dan ook uitgebreid aan bod in dit boek.

Geen onderwerp wordt uit de weg gegaan in dit boek om start-ups op de goede weg te zetten naar meer ambitie en groei.

 

2017

Bart Vanhaeren
29
De Europese gerechtelijke taalbescherming

Livre

Dit boek boeit. In dit uitstekend gedocumenteerd werk wordt u mooi bij de hand genomen en op een originele manier ondergedompeld in een wereld van taal en recht. Isabelle Bambust buigt zich zeer grondig over de taalbescherming van de rechtzoekende die gerechtelijke documenten uit het buitenland ontvangt. Die materie is tot nu toe onderbelicht gebleven.

Dit boek leeft. Het is rijkelijk voorzien van rechtspraak- en literatuurvoorbeelden, en ook van voorbeelden uit de verrichte interviews. De auteur houdt een bijzondere eigen schrijfstijl aan die erg prettig leesbaar is. Ook neemt zij voortdurend en op overtuigende wijze stelling in. 

In een eerste deel maakt u uitgebreid kennis met de vreemde spanning tussen de officiële taal die als het ware met een stoomstrijkijzer op het land wordt gebrand, en de eigen taal van de mensen die zich in dat land bevinden. Hoe de taal die iemand begrijpt vandaag wordt ingevuld, krijgt u te lezen in het tweede boekdeel. In het derde deel vraagt de auteur zich af of er een zelfstandig recht op vertaling bestaat. De aanbevelingen uit de eerste drie delen worden geconcretiseerd in een laatste deel waar de auteur een Europees Justitieel Talenregister voorstelt.

De auteur gebruikt de Europese grensoverschrijdende mededeling van documenten als uitgangspunt. Toch laat zij het boek ook openbloeien naar andere Europese en mondiale instrumenten, en naar de taalbescherming in het strafrecht. Daarnaast is er aandacht voor de taal die een rechtspersoon begrijpt, en voor mensen die anders dan anders zijn (blinden, slechtzienden, Doven, slechthorenden, laaggeletterden, ongeletterden, mentaal onbekwame personen).


Doelgroepen

Dit boek is een aanrader voor heel wat verschillende doelgroepen:

  • Advocaten
    De advocaat heeft een erg belangrijke rol in het meertalige en super-diverse landschap. Dit boek geeft hem een goed overzicht van wat actueel heerst in de taalbeschermingsproblematiek. Het vormt een bron die de advocaat kan gebruiken om andere medewerkers van het gerecht (bijv. gerechtsdeurwaarders) en de procespartijen daarover in te lichten.
     
  • Gerechtsdeurwaarders
    Dit boek hoort zeker thuis in de bibliotheek van elke gerechtsdeurwaarder die onder toepassing van de Europese Betekeningsverordening de hoedanigheid van verzendende én ontvangende instantie kan hebben. Door zijn belangrijke sociale rol en zijn erg nabije betrokkenheid met het maatschappelijke gebeuren, wordt de gerechtsdeurwaarder met zijn neus op het meertalige en super-diverse landschap gedrukt. Dit boek geeft hem een goed overzicht van wat actueel heerst in de taalbeschermingsproblematiek. Het vormt een bron die de gerechtsdeurwaarder kan gebruiken om andere medewerkers van het gerecht (bijv. advocaten) en de procespartijen daarover in te lichten.
     
  • Magistraten
    De magistraat heeft een aanzienlijke rol in het meertalige en super-diverse landschap. Dit boek geeft hem een goed overzicht van wat actueel heerst in de taalbeschermingsproblematiek. De rechter kan snuisteren in een eindeloze resem voorbeelden. Dit werk kan beslist een inspiratiebron voor hem vormen.
     
  • Taalkundigen
    De schrijfster heeft oog voor de meertalige realiteit en voor de doeltreffendheid van taalrechten van rechtzoekenden. Daarbij heeft zij een bijzondere boon voor het werk van tolken en vertalers als taalbruggenbouwers. Ook schrijft zij over het nut van de vertaalmachine.  
     
  • Integratie- en inburgeringsmedewerkers
    De auteur schuwt het meertalige landschap niet en breekt een lans voor de doeltreffendheid van taalrechten van de anderstalige.  
     
  • Onderzoekers, studenten en iedereen die graag bijleert
    Het werk is educatief geschreven waardoor de lezer geleidelijk alle aspecten van het onderzoeksthema leert kennen. 

2017

Isabelle Bambust
79
De bevoegdheden van de gemeenschappen

Livre

In dit boek krijgt u een systematisch commentaar over de bevoegdheden van de gemeenschappen, zoals die vervat zijn in de Grondwet, de bijzondere wetten en nadere uitvoeringsbepalingen.

Sommige van die bevoegdheden zijn al tientallen jaren aan de gemeenschappen toegewezen, andere zijn van recente datum. De meeste zijn echter doorheen de jaren bij de opeenvolgende fasen van de staatshervorming aangepast, gewijzigd of verfijnd als gevolg van de politieke evolutie of van de juridische ervaring met hun toepassing.

Ook deze commentaar is grotendeels gesteund op de parlementaire voorbereiding van de bevoegdheidsverdelende regels, op de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Grondwettelijk Hof, op de adviespraktijk en de rechtspraak van de Raad van State alsook op gezaghebbende rechtsleer.

Dit boek is het tweede deel van een driedelige, omvattende commentaar op de bevoegdheidsverdeling in het federale België. In juni 2016 verscheen 'De bevoegdheden van de gewesten'. In 2017 verscheen ook het derde boek waarin de zogenaamde transversale bevoegdheden zoals de constitutionele bevoegdheden, de fiscale bevoegdheden, de internationale bevoegdheden, de instrumentele bevoegdheden, … worden onderzocht.

 

2017

Bruno Seutin, Geert Van Haegendoren
150
Co-ouderschap vandaag en morgen

Livre

Naar aanleiding van de tiende verjaardag van de wet van 18 juli 2006 die het verblijfsco-ouderschap als prioritair model heeft ingevoerd, besloten Ingrid Boone (KU Leuven en KULAK) en Charlotte Declerck (Universiteit Hasselt) samen twee studienamiddagen te organiseren omtrent actuele en toekomstige ontwikkelingen in het domein van het co-ouderschap. Deze studienamiddagen vonden plaats op vrijdag 7 oktober 2016 in Hasselt en op vrijdag 14 oktober 2016 in Kortrijk.

Dit verslagboek bundelt de voordrachten die tijdens deze studienamiddagen aan bod zijn gekomen. Sofie Vanassche, An Katrien Sodermans en Koen Matthijs lichten toe wat sociaalwetenschappelijk onderzoek leert over de evolutie van verblijfsco-ouderschap in Vlaanderen en de effecten op het welzijn van de kinderen en de ouders. Charlotte Declerck analyseert recente rechtspraak over de herziening van de verblijfsregeling. Lucia Dreser geeft weer welke de uitdagingen zijn bij de toepassing van het hervormde hoorrecht van de minderjarige kinderen. Aloïs Van den Bossche bespreekt enkele modellen van ouderschapsplan. Ingrid Boone duidt de juridische draagwijdte van intentioneel meerouderschap, als nieuwe vorm van co-ouderschap. Ten slotte evalueert Ulrike Cerulus de actuele rechtspositie van stiefouders.

2017

Ingrid Boone, Charlotte Declerck
49
Digitale versie Rechtsherstel voor verschuivingen van vermogen bij het einde van een huwelijk en bij het einde van een samenwoning

Livre

Wat gebeurt er met vermogensverschuivingen die zich tijdens een huwelijk of samenwoning hebben voorgedaan? Dat is een belangrijk thema wanneer een relatie tussen gehuwden of samenwonenden eindigt.

Zolang alles goed gaat tussen de partijen zijn zij er zich vaak niet van bewust hoe belangrijk het is om er voor te zorgen dat hun bedoelingen bij deze vermogensverschuivingen duidelijk en bewijskrachtig worden weergegeven. Echtgenoten, gehuwd onder een stelsel van gemeenschap, kunnen gelukkig nog terugvallen op een behoorlijke wettelijk uitgewerkte vergoedingsregeling, al zijn ook hier de mogelijke discussiepunten helemaal niet uitgesloten. Erger wordt het wanneer de vermogensverschuivingen plaatsvonden tussen echtgenoten die gehuwd waren onder het stelsel van scheiding van goederen of tussen wettelijk of feitelijk samenwonenden waar het gemeen verbintenissenrecht de regel is.

Vooral na een relatiebreuk stapelen de problemen zich op. Notarissen, advocaten en magistraten, die beroepshalve met deze problematiek worden geconfronteerd kunnen er van meespreken. Het palet is onuitputtelijk:

  • Was de vermogensverschuiving een (herroepelijke) schenking of moet de verrichting beschouwd worden als een bijdrage in de lasten van het huwelijk?
  • Kan de echtgenoot de koopsom tijdelijk parkeren op een gemeenschappelijke rekening en daarna een herbelegging uitvoeren?
  • Is een echtgenoot die tijdens zijn vrije dagen, eventueel samen met vrienden en familie, werken uitvoert aan zijn eigen goed, vergoeding verschuldigd aan het gemeenschappelijk vermogen?
  • Waarop is de overgang van de aandelen tussen de echtgenoten gesteund: verkoop, schenking, loon?
  • Hoe zal vergoed worden bij einde opstal?
  • Hoe zal de vergoeding berekend worden bij gedeeltelijke terugbetaling van een lening terugbetaalbaar met vaste annuïteiten?
  • Kan er sprake zijn van een gift bij een beding van aanwas tussen samenwonenden indien er gelijkheid is van kansen en bijdrage?
  • Vanaf wanneer beginnen de intresten op de vergoedingen tussen de samenwonenden te lopen?
  • Onder welke voorwaarden kan de verrijking zonder oorzaak worden ingeroepen?
  • Mag een notaris er bij de vereffening-verdeling van uitgaan dat beide partijen hun bijdrage in de lasten van het huwelijk of de wettelijke samenwoning hebben gedragen in verhouding tot hun mogelijkheden of moet hij een afweging maken?

Deze en zovele andere vragen komen aan bod in deze rijke studie. Emeritus professor Christian De Wulf behandelt deze kwesties met het gezag en de brede juridische kennis die hij  als academicus en als notaris heeft. Hij doet het op de hem eigen wijze: soms eigenzinnig maar steeds gefundeerd. Vanuit zijn jarenlange ervaring als notaris voelt hij als geen ander met welke menselijke en juridische problemen de partijen in de geschetste situaties te kampen hebben. Hij geeft tips, wijst op gevaren, reikt oplossingen aan en doet dit steeds op een bevattelijke manier en in een heldere taal.

Dit boek is een dankbaar werkinstrument voor veel juristen die met deze problematiek te maken krijgen, en een grote bijdrage voor een rechtvaardiger oplossing.

2017

Christian De Wulf
74
Schadevergoeding wegens wanprestatie in Europees perspectief – R&O nr. 49

Livre

"Brecht Verkempinck heeft een leemte met brio gedicht."
Prof. Patrick Wéry van UCL, Co-promotor.

"Schadebegroting is dermate complex dat alleen de grote juristen er zich aan wagen: Ronse, Dirix, Dubuisson, Von Jehring, Fuller en Purdue. Aan deze eregalerij wordt nu onbetwistbaar Brecht Verkempinck toegevoegd."
Prof. dr. Bernard Tilleman van KU Leuven, Promotor

Begroting van schadevergoeding wegens wanprestatie bezorgt de praktijk dagelijks hoofdbrekens. Die problematiek is nochtans even belangrijk als het onderzoek of is voldaan aan de voorwaarden voor aansprakelijkheid. De advocaat die een cliënt bijstaat in het vorderen van schadevergoeding moet de omvang daarvan rechtens onderbouwen. De advocaat van de tegenpartij tracht daartegen deugdelijk verweer te voeren. Wanneer een partij dan een begroting suggereert, moet de rechter kunnen aangeven waarom hij daarvan afwijkt. Hoewel deskundigen economische bijstand bieden, staat het finaal aan die rechter om de gevolgde methode juridisch te motiveren. Het wekt dan ook veel verwondering dat dit aspect van het contractenrecht nooit eerder aan enig onderzoek is onderworpen.

Dit referentiewerk onderwerpt alle facetten van die problematiek aan een grondige analyse:

  • de doelstellingen van die schadevergoeding
  • de vergoedbare schadeposten (ook relevant voor schadevergoeding in andere contexten)
  • het uitgangspunt van integrale schadevergoeding met voordeelstoerekening als uitvloeisel
  • de mogelijkheid tot afroming van dankzij de wanprestatie gerealiseerde winsten
  • het bij schadevergoeding te volgen perspectief
  • de repercussies van ontbinding van contracten
  • de vergoedbaarheid van winstkansen en de toepassing van winstvermoedens
  • de inwerking van contractuele verlieslatendheid
  • de invloed van kosteloosheid van verbintenissen
  • de impact van onvoorzienbaarheid van schade
  • de wanverhouding tussen contractprijs en schadevergoeding
  • de gevolgen van indirectheid van schade
  • schadebeperking in contractueel verband
  • verhaal van kansverlies en immateriële schade
  • contractuele afwijkingen van de gemeenrechtelijke begrotingsprincipes
  • vergoeding van technische bijstandskosten
  • alternatieve begrotingstechnieken
  • de invloed van de tijd op schadevergoeding wegens wanprestatie etc.

Zeven jaar onderzoeksinspanningen culmineerden in een onovertrefbaar kritisch overzicht van binnen- en buitenlandse rechtspraak en rechtsleer. De alomvattendheid, de heldere structuur, de literatuursuggesties bij elk hoofdstuk en het uitgebreide en gebruiksvriendelijke voetnotenapparaat en trefwoordenregister resulteren in een onmisbaar en dagelijks te hanteren naslagwerk.

Dit boek is gebaseerd op het proefschrift dat Brecht Verkempinck op 22 september 2016 succesvol verdedigde aan de KU Leuven, met prof. dr. B. Tilleman (KUL, decaan) als promotor en prof. dr. P. Wéry (UCL) als copromotor. De auteur was van 2011 tot 2015 werkzaam bij het Hof van Justitie van de Europese Unie en werkt sindsdien bij het Europees Parlement. Dit werk schreef hij als vrijwillig wetenschappelijk medewerker bij het Centrum voor Rechtsmethodiek.

2017

Brecht Verkempinck
150

Restez au courant…

Grâce à la lettre d’information, vous recevrez des informations sur
les nouvelles publications, actions, solutions digitales et formations.