Je gebruikt een verouwderde browser. Upgrade je browser voor een betere surfervaring op deze website.

EU economic governance en het recht op collectief onderhandelen

Op voorraad
583 p.
2019
Boek
Auteur(s): Pieter Pecinovsky
Is onderdeel van de reeks Begasoz / Abetrass

Een juridisch onderzoek naar de problematische verhouding van het Europese economische beleid en de sociale grondrechten

Naast wetgeving maakt de Europese Unie ook gebruik van een hybride beleidsmethode, genaamd ‘economic governance’, om o.a. jaarlijks aanbevelingen te geven aan de lidstaten, waarvan de EU de opvolging monitort via het Europees semester. Deze aanbevelingen hebben betrekking op de begroting en de economie, maar ook op het sociaal en werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten.

Terwijl de EU geen sterke wetgevingsbevoegdheden heeft inzake de sociale dimensie, maakte het – zeker tijdens de crisis – uitvoerig gebruik van EU ‘economic governance’ om ‘soft law’-richtsnoeren uit te delen inzake werkgelegenheid, arbeidsrecht en sociale zekerheid. Een groot aantal aanbevelingen hadden betrekking op de loonvorming of rechtstreeks op een hervorming van het collectieve onderhandelingssysteem.

Een aanvaring met het fundamentele recht op collectief onderhandelen (en sociale dialoog) van de sociale partners was dan ook onvermijdelijk. Dit recht, dat een zekere autonomie aan de sociale partners geeft om met elkaar over sociale aangelegenheden te onderhandelen, is niet alleen beschermd door de EU-rechtsorde zelf, maar ook door de Internationale Arbeidsorganisatie en de Raad van Europa (EVRM en ESH). Het onderzoek heeft nagegaan in welke mate EU ‘economic governance’ problematisch is in het licht van het recht op collectief onderhandelen, wat tot schendingen van dit recht in de verschillende rechtsorden kan leiden. Uit de evaluatie van de aanbevelingen en de maatregelen trekt het onderzoek lessen voor de EU (en de lidstaten) om EU ‘economic governance’ beter met het recht op collectief onderhandelen te verzoenen, rekening houdend met het postcrisisklimaat en de hernieuwde aandacht voor de sociale dimensie van de EU.

ISBN 9789048634453 - Bestelcode 202195100
EU economic governance en het recht op collectief onderhandelen
€ 155,00
Abonnees € 124,00

Een juridisch onderzoek naar de problematische verhouding van het Europese economische beleid en de sociale grondrechten

Naast wetgeving maakt de Europese Unie ook gebruik van een hybride beleidsmethode, genaamd ‘economic governance’, om o.a. jaarlijks aanbevelingen te geven aan de lidstaten, waarvan de EU de opvolging monitort via het Europees semester. Deze aanbevelingen hebben betrekking op de begroting en de economie, maar ook op het sociaal en werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten.

Terwijl de EU geen sterke wetgevingsbevoegdheden heeft inzake de sociale dimensie, maakte het – zeker tijdens de crisis – uitvoerig gebruik van EU ‘economic governance’ om ‘soft law’-richtsnoeren uit te delen inzake werkgelegenheid, arbeidsrecht en sociale zekerheid. Een groot aantal aanbevelingen hadden betrekking op de loonvorming of rechtstreeks op een hervorming van het collectieve onderhandelingssysteem.

Een aanvaring met het fundamentele recht op collectief onderhandelen (en sociale dialoog) van de sociale partners was dan ook onvermijdelijk. Dit recht, dat een zekere autonomie aan de sociale partners geeft om met elkaar over sociale aangelegenheden te onderhandelen, is niet alleen beschermd door de EU-rechtsorde zelf, maar ook door de Internationale Arbeidsorganisatie en de Raad van Europa (EVRM en ESH). Het onderzoek heeft nagegaan in welke mate EU ‘economic governance’ problematisch is in het licht van het recht op collectief onderhandelen, wat tot schendingen van dit recht in de verschillende rechtsorden kan leiden. Uit de evaluatie van de aanbevelingen en de maatregelen trekt het onderzoek lessen voor de EU (en de lidstaten) om EU ‘economic governance’ beter met het recht op collectief onderhandelen te verzoenen, rekening houdend met het postcrisisklimaat en de hernieuwde aandacht voor de sociale dimensie van de EU.


Inhoudstafel

Inleiding

Hoofdstuk 1. Normatieve uitgangspunten en inkadering

Hoofdstuk 2. Economic governance in de Europese Unie

Hoofdstuk 3. De juridische positie van het recht op collectief onderhandelen in Europa

Hoofdstuk 4. De spanning tussen EU economic governance en het recht op collectief onderhandelen

Hoofdstuk 5. Naar een nieuwe EU economic and social governance?

Conclusies en aanbevelingen

Bibliografie

Lijst van gebruikte afkortingen

> Bekijk de volledige inhoudstafel.

Reeks Begasoz-Abetrass

MEER INFO

Heeft u vragen over deze reeks? Stuur een mail naar abonnementen@diekeure.be.


Pieter Pecinovsky is of counsel at Van Olmen & Wynant, specialised in employment law.

Pieter is fluent in Dutch, French and English. Pieter graduated from the University of Leuven (KU Leuven) as a Master of Laws in 2013. Additionally, he obtained the degree of Doctor of Laws at the University of Leuven (KU Leuven) in 2018. His PhD on EU economic governance and the right to collective bargaining was awarded the ETUC Brian Bercusson Award on European Labour Law 2019. 

Currently, Pieter works as a legal advisor (Of Counsel) and knowledge manager at Van Olmen & Wynant. In addition, he is lecturer in social law of the University of Leuven (KU Leuven) and a voluntary assistant at the Institute for Labour Law of the same university. Last year he was invited professor at the Université Catholique de Louvain (UCL).

Pieter Pecinovsky functions as expert in the Advisory Council of Social Criminal Law and is a member of BEGASOZ/ABETRASS (Association of Belgian Professors of Social Law), the Belgian Association of Industrial Relations (BVVA) and the Academic Network on the European Social Charter and Social Rights.

Publicaties in de kijker

Blijf op de hoogte en schrijf je in op onze nieuwsbrief