Je gebruikt een verouwderde browser. Upgrade je browser voor een betere surfervaring op deze website.

Heerlijk helder

Juridische teksten zijn vaak niet het toonbeeld van duidelijke en heldere communicatie.

Regelgeving moet zo opgesteld zijn dat ze bestand is tegen de stormen die rechtzoekenden proberen te veroorzaken om het gelijk en de wet aan hun kant te krijgen. Een zo ondubbelzinnig mogelijke formulering is daarvoor een noodzaak: als de tekst van de wet veel poortjes openlaat, zullen die ook gebruikt worden.

Om een regelgevende tekst zo waterdicht mogelijk te maken, moet op allerlei zaken worden gelet: natuurlijk moeten de vaktermen juist worden gebruikt, mogen de zinnen niet te lang zijn, moeten die onderling goed samenhangen, maar moet ook de interpunctie correct zijn om de beoogde betekenis weer te geven. En soms gaat het mis.

Karl Hendrickx gaat in elk nummer van het Tijdschrift voor Wetgeving op zoek naar onduidelijkheden in wetgeving of slecht opgestelde juridische bepalingen  en zorgt voor taalkundige opheldering.

Zo draagt zijn rubriek ‘Taal en wetgeving’ bij tot heerlijk helder juridisch taalgebruik!

Ontdek het zelf in deze drie artikels


Lees ook

Ontdek ook

Blijf op de hoogte en schrijf je in op onze nieuwsbrief