Taal en wereld | 2e – 6e leerjaar
Labo
Taal en wereld
De innovatieve visie van Labo combineert taal en wereld in één lesmethode, zodat jouw leerlingen voor beide leergebieden binnen hetzelfde begrippenkader en taalregister werken. Voor spelling als aparte leerlijn biedt de methode het lesmateriaal van Labo Spelling.
- Diepgaande integratie van taal en wereldkennis
- Leerwinst voor de leerling, tijdwinst voor de leerkracht
- Vloeiend lezen met véél leesmateriaal
Bekijk de video's
In deze afspeellijst ontdek je de sterktes van de methode en extra toelichting.
Blader door het materiaal
Je bekijkt hier een selectie van het lesmateriaal.
Bestel een ontdekpakket
Benieuwd naar een methode? Laat je contactgegevens na en we bezorgen je graag een gratis ontdekpakket op school.
Ontdek meer over Labo Taal en wereld
Lezen om te leren en leren door te lezen
Kennis is taal en taal is kennis. Woordenschatkennis steunt op weten hoe je een woord schrijft, hoe het klinkt en wat het betekent. Dat gaat in de breedte en in de diepte: je moet veel woorden kennen, maar er ook zoveel mogelijk over weten. We integreren taal en wereld tot één leerlijn omdat leerlingen alleen zo binnen eenzelfde thema woordenschat en dus kennis kunnen opbouwen en die tegelijk tijdens het lezen kunnen aanspreken om tot een beter begrip te komen.
De wereld, één boeiend labo
Binnen eenzelfde thema werken betekent ook dat we in wereld focussen op één domein, waar we verschillende doelen clusteren. De thema’s binnen Labo hebben een duidelijk domeinspecifiek profiel. Zo werken we in het ene thema bijvoorbeeld vanuit de doelen voor geschiedenis en in een ander thema vanuit de doelen voor aardrijkskunde. Omdat we kennis ook opbouwen in taal, krijgen we in de wereldlessen tijd om te onderzoeken, te ervaren en toe te passen. Labo gaat voor een evenwicht tussen kennen, begrijpen maar ook doen. Ook in taal leggen we per thema de focus op één bepaalde tekstsoort. Zo kunnen we de tekstkenmerken ook meenemen naar de andere taalvaardigheden: luisteren, spreken en schrijven.
Rijke taal met straffe ondersteuning
We werken met rijke, authentieke teksten waardoor leerlingen in contact komen met nieuwe woordenschat en daarom vooruitgang boeken. Voor taalarmere leerlingen is dat een bijkomende uitdaging, maar Labo helpt hen daarin doordat de leerkracht gaat modelen (hardop denkend voordoen) en het materiaal uitgebreide beeldwoordenboeken bevat.
Sterke methodische keuzes
Hardop denkend voordoen
Hardop denkend voordoen of modelen is een vorm van instructie waarbij je als leerkracht zeer expliciet voordoet en verwoordt wat jij denkt en doet bij het verwerken van een (lees)opdracht. Dat is in Labo steevast het geval in de lessen begrijpend lezen, maar ook in andere taal- en wereldlessen. Jij bent als leerkracht belangrijk in de instructie. Jij moet ervoor zorgen dat leerlingen je letterlijk kunnen nadoen.
GRRIM-model
Het ‘Gradual Release of Responsibility Instruction Model’ is een instructiemodel waarin je als leerkracht eerst zelf sterk gaat modelen, maar die ondersteuning dan geleidelijk afbouwt. Je gaat van een ‘ik doe het voor’ naar een ‘wij doen het samen’, naar een ‘je doet het zelf’. Dat is onze aanpak doorheen de lessen begrijpend lezen en in veel andere (taal)lessen.
Close reading
In Labo herlezen we een rijke, uitdagende tekst meerdere keren samen, maar telkens met een ander doel. Het geeft je opnieuw de mogelijkheid om te modelen, alle leerlingen in contact te brengen met een rijke woordenschat en te werken aan een dieper leesbegrip.
Rijke schrijfopdrachten
Labo geeft rijke schrijfopdrachten, niet enkel in de taallessen maar ook in wereld. Naast het gebruik van verschillende types van graphic organizers (bv. een woordweb) laten we leerlingen vaak een antwoord formuleren in een zin of korte tekst.
Werken buiten het werkboek
We werken ook vaak buiten het werkboek. Dat is zeker zo in de Intro (het begin van een thema) en de Outro (het einde van een thema), maar ook in de Memo-lessen op het einde van de week wanneer we eerdere leerstof herhalen en vastzetten. Bij Labo gebruik je ook een blanco taalschrift of wisbordje.
Je klaswand ademt taal
Voor een rijke kennisopbouw breng je leerlingen best zo vaak mogelijk in contact met de woorden en begrippen van het thema. Door de integratie van wereld en taal gebeurt dat al in elke les (tijd), maar een rijke klaswand zorgt ervoor dat het ook gebeurt in de klas (ruimte). Je klas ademt taal met een krachtige combi van beeld en woord aan de klasmuur. Eigen materiaal kun je aanvullen met een rijk aanbod van woord- en beeldkaarten en posters. Labo suggereert of gebruikt daarbij altijd slimme graphic organizers die de leerstof bevattelijk ordenen.
Opbouw van een leerjaar
Labo Taal en wereld ordent de leerstof in zeven thema’s van telkens vijf weken. De eerste drie weken lopen gelijkaardig, week 4 en 5 besteden we aan herhaling, toetsing en differentiatie. Per thema focussen we op een specifieke tekstsoort en op één werelddomein. In elk thema volgende we een vaste, herkenbare structuur.
Diabolo-model
We leren voor het leven. We helpen leerlingen daarom door hen een rugzak met kennis en skills mee te geven, ongeacht hun talenten of situatie. In Labo groeperen we daarom de curriculumdoelen in betekenisvolle thema’s die voor de leerlingen herkenbaar en daarom motiverend zijn. Bij de start van een thema nemen we voldoende tijd in de ‘Intro’ om het thema breed te introduceren. We activeren de voorkennis van de leerlingen en wekken hun belangstelling op. Op het einde van het thema, in de ‘Outro’, werken we samen naar een mooi ‘trotsproduct’ waarin we de kennis en taalvaardigheden toepassen.
Expliciete directe en verlengde instructie (EDI)
De lessen in Labo zijn herkenbaar opgebouwd volgens de stappen van het ‘Expliciete directe instructie-model’. We starten door samen met de leerlingen de voorkennis te activeren en het lesdoel te expliciteren. Wat willen we straks weten of kunnen en wat weten en kunnen we nu al? De leerkracht geeft een krachtige, interactieve instructie over de nieuwe leerstof en begeleidt de eerste basisoefening op een verwacht niveau. Door formatieve evaluatie tussendoor toetsen we intussen af wie mee is en wie niet. Onze volgende stap krijgt op basis daarvan vorm. Voor wie moeten we de instructie verlengen en wie kan er al zelfstandig aan de slag? We organiseren onze les nu zo dat beide groepen worden bediend. Op het einde van de les sluiten we af door gezamenlijk terug te koppelen naar het lesdoel dat we ons in het begin stelden. Is het mij/ons gelukt om dit te kennen of kunnen?
Veel aandacht en tijd voor lezen
In Labo reserveren we heel wat tijd voor lezen, we plannen dagelijks vloeiend lezen en maken ‘leeskilometers‘. De focus ligt op leestechniek en motivatie. Ook die leesteksten sluiten aan bij het thema en zorgen zo voor een impliciete opbouw van achtergrondkennis. Wekelijks plannen we begrijpend lezen en leren daar leesstrategieën toepassen. Nadenken over taal (grammatica en nieuwe woordenschat) doen we in de les Taalwijs.
Differentiatieprincipe
Labo houdt er in iedere stap van de les rekening mee dat het leerproces bij elke leerling anders verloopt. De inzet van elke les is wel altijd ambitieus: we willen dat alle leerlingen de basiskennis verwerven en en starten dus ook klassikaal op het verwachte niveau. We kiezen daarbij voor authentieke, rijke teksten, zowel in taal als in wereld. Tegelijk bieden we ook steeds een straffe ondersteuning met o.a. zeer uitgebreide beeldwoordenlijsten op papier en digitaal (= ‘scaffolding’ of stutten). Wanneer leerlingen bij een volgende stap oefenen en opdrachten maken, geven we waar nuttig met knoop- en touwoefeningen aan waar je kunt differentiëren naar tempo en verdieping.
Oefenprincipe
Door de combi van taal en wereld kan Labo meer dan voldoende tijd vrijmaken voor inoefening en toepassing. Binnen eenzelfde begrippenkader werken creëert naast leerwinst namelijk ook tijdwinst: je hoeft letterlijk elk woord maar één keer uit te leggen en binnen een thema komt dat woord dan ook meerdere keren terug. Die tijdwinst benutten we door de leerlingen alle tijd te geven om te oefenen. Daarbij variëren we in de oefentypes en focussen we op de taal- en leerstrategieën en diepere inzichten. Bij lezen vertaalt oefenen zich ook in het maken van ‘leeskilometers’. Beter lezen lukt door veel te lezen, daarom staan vlot en vloeiend lezen elke dag van de vijf themaweken op het programma. De themaleesboeken met teksten van verschillend niveau en type sluiten aan bij het thema en zorgen zo opnieuw voor impliciete kennisopbouw.
Herhalingsprincipe (retrieval practice)
Het is enerzijds een uitdaging om in je themaplanning bepaalde doelen te clusteren en er dus een langere tijd mee bezig te zijn. Anderzijds moet je ook momenten voorzien om geziene leerstof op verschillende manieren en momenten terug op te halen (= retrieval). Ook daar biedt de combi van taal en wereld een kans, want op vrijdag plannen we een Memo-les waarin we in afwisselende taalopdrachten de wereldkennis uit voorbije thema’s herhalen.
Leren leren
Leren leren wordt geïntegreerd in de lessen van het thema, zodat strategieën functioneel worden toegepast. We plannen een les ‘leren leren’ na de herhalingsles en vóór de toets wereld. Tijdens die les worden strategieën aangeleerd en geoefend om de inhouden van het thema actief te verwerken. We tonen de leerlingen hoe ze studeren kunnen aanpakken en hun leerproces zelf in handen kunnen nemen. Zo komen we tot functionele integratie van cognitieve en metacognitieve strategieën in elk thema. Daarnaast voorziet Labo op het einde van elk thema een lestijd waarin expliciet tijd gemaakt wordt voor leren leren. De leerlingen oefenen cognitieve en metacognitieve strategieën om de nieuwe kennis uit het thema diepgaand te verwerken, in te oefenen en te herhalen.
- Leren leren in elk thema
In elk thema voorzien we dus een lestijd om expliciet aan de doelen rond leren leren te werken, op basis van de inhouden van het thema. - Ons werkboek is ons leerboek
We stimuleren de leerlingen zowel aan het begin als doorheen en bij het einde van een thema om net en juist te werken. We laten ze zichzelf daarin ook evalueren en bijsturen. - Toetswijzers Taal en Wereld
Bij het begin en op het einde van de les expliciteren we samen met de leerlingen het doel van de les. Op het einde van het thema gebeurt dat ook met de Toetswijzer. Die staat achteraan het werkboek, zowel voor taal als voor wereld. Samen met de leerlingen herneem je daarmee het thema. Je bespreekt de doelen, de tips om die te oefenen of te herhalen en je laat de leerlingen zichzelf evalueren. - Digitale oefentoetsen
Na de wereld-herhalingsles (les 28) oefenen leerlingen op Kabas zelfstandig met de digitale oefentoets. Daarin krijgen ze opdrachten die één-op-één sporen met de doelen die ook zullen bevraagd worden in de toets.
Op het platform Kabas komt jouw eigen digitale co-teacher Kai jou te hulp met adaptieve leersporen bij de taallessen. Zo volgt elke leerling een volledig uniek oefentraject: Kai gaat een stapje terug of ondersteunt met een instructievideo bij wie het wat minder gaat en gaat al een stapje verder bij wie het goed gaat. Jij volgt de resultaten in realtime mee op via dashboards en speelt tijd vrij om die leerlingen te ondersteunen die jouw hulp het meeste nodig hebben. Voor taal kunnen leerlingen op twee manieren met Kai aan de slag:
- Kai adaptief leerspoor woordenschat
Per thema maken we met de woorden van de beeldwoordenlijst een leerspoor met Kai, zodat we bij de leerlingen die dat nodig hebben de woorden kunnen boosten (drillen). Kai houdt bij welke woorden gekend zijn en versmalt doorheen het spoor naar de niet-gekende woorden, tot ook die voldoende zijn gekend. - Kai adaptief leerspoor taalwijs
Bij elke les taalwijs hoort een adaptief leerspoor met Kai. Daarin oefenen de leerlingen de aangebrachte taalsystematiek op hun niveau. Kai registreert hoe vlot dat gaat en varieert zo tussen drie sporen tot het taaldoel voldoende wordt beheerst.

Vlot en vloeiend lezen
In Labo lezen we volgens drie leessporen.
- Het verdiepingsspoor
Leerlingen van het 2e tweede leerjaar die AVI E4 bereiken, lezen in deze lessen stil en zelfstandig teksten en boeken naar keuze. Die komen ofwel uit het Labo themaleesboek ofwel uit de eigen klasbieb. - Het basisspoor
Alle andere leerlingen, ook de zwakkere lezers, lezen in het basisspoor. Daarin lezen ze in het themaleesboek rijke teksten die aansluiten bij hun leeftijd én bij het thema. Wij ondersteunen hen met onder meer de ‘voor-koor-door’-methodiek: de leerkracht leest eerst voor, dan lezen jullie samen en ten slotte lezen de leerlingen zelfstandig of in duo’s. - Het ondersteuningsspoor
Voor leerlingen met leesvertraging is er extra oefen- en leesmateriaal. Voor die leerlingen maak je extra leestijd bovenop het basisspoor. Waar mogelijk, is de hulp van een tweede leerkracht daarbij natuurlijk een bonus.
In het 2e leerjaar maakt Labo een sterke brug met het technisch lezen in het 1e leerjaar. Om zicht te krijgen op het ‘vakantieverlies’ oefenen we in thema 1 en 2 de letterkennis en woordherkenning, waarop we indien nodig bijsturen op basis van de connect-methodiek. Met korte toetsmomenten krijgen we zo vlug mogelijk zicht op de leescompetenties en passen we de groepen eventueel aan. Het eerste leesmateriaal in Labo 2 werd samen ontwikkeld met de auteur van de methode mol en beer. Vanaf thema 3 verschuift de focus naar het lezen van tekstfragmenten, maar blijven we ook technisch lezen oefenen met woordrijtjes. De teksten variëren vanaf dan volgens drie (aangegeven) leesniveaus.
In de themaleesboeken voorzien we steeds een woordverklaring van twee woorden op elke pagina. Soms met een zin, soms met een beeld. Verder zijn de lessen vloeiend lezen heel herkenbaar en routineus, waardoor niet veel uitleg nodig is en we de 25 minuten maximaal inzetten als leestijd.
Beeldwoordenboeken
Labo stimuleert de leerlingen om woorden die ze niet begrijpen op te zoeken. We voorzien drie opties om de woorduitleg te vinden:
- Bij de tekst zelf staan in een apart kader altijd enkele moeilijke, belangrijke woorden uitgelegd.
- Achteraan in het werkboek staat een meer uitvoerig beeldwoordenboek in alfabetische volgorde waarin we een beeld aan het woord koppelen.
- Digitaal op platform Kabas vind je per les nog een uitvoeriger beeldwoordenboek met per woord een verklaring, beeld en voorbeeldzin. Via een QR-code in het werkboek gaan de leerlingen rechtstreeks naar de digitale woordenlijst van de les.
Differentiatie in het werkboek
Het werkboek biedt zowel voor taal als wereld tempo- en niveaudifferentiatie aan in de vorm van twee specifieke types oefeningen.
- Touwoefeningen: oefeningen van eenzelfde basisniveau
- Knoopoefeningen: uitdagendere oefeningen die verdieping bieden
Adaptieve leersporen
De adaptieve leersporen van co-teacher Kai voor woordenschat en taalwijs kun je inzetten bij de betreffende lessen.
Toetsen
Labo voorziet vier toetsmomenten op het einde van een thema:
- in elk thema een toets begrijpend lezen
- in elk thema een toets taalwijs (combi van taalsystematiek en woordenschat)
- in elk thema een toets wereld
- alternerend een toets spreken (2), schrijven (2) en luisteren (3)
Digitaal op Kabas
- Pdf-bestanden van gedrukte materialen
- Audio voorleesbestand
- Beeldwoordenboek
- Linken naar het net (URL’s), audio- en videobestanden
- Voor taal:
- Kai adaptief leerspoor woordenschat
- Kai adaptief leerspoor taalwijs
- Instructievideo’s taalwijs
- Voor wereld:
- Oefentoetsen
- Minisites, simulaties, presentaties e.a.
Op papier
- Set van 7 werkboeken
- Set van 7 leesboeken
- Set van 7 handleidingen
- Memoboekje
- Set van 7 correctiesleutels
- Bijlagen
- Set posters
Boekenpakket Themaplein-Labo
Naast de eigen leesboeken van Labo Taal en wereld bij elk thema, bieden we facultatief ook Themaplein-boekenpakketten aan. Die bieden per Labo-thema een zorgvuldig samengestelde selectie van 20 kwaliteitsboeken, gekozen door leesspecialisten uit het aanbod van Uitgeverij Schoolsupport én andere gerenommeerde uitgeverijen. In totaal beschikt elk leerjaar zo over maar liefst 140 extra leesboeken.

Voordelen
Themaplein versterkt de kracht van de methode Labo: bij elk thema krijgen leerlingen een rijk en gevarieerd leesaanbod dat hun woordenschat vergroot en hun kennis verdiept. Zo ontdekken ze het thema vanuit verschillende invalshoeken, ervaren ze meer leesplezier en maken ze waardevolle extra leeskilometers binnen een vertrouwd leeskader. Ontdek hieronder de grote meerwaarde van Themaplein-Labo voor jouw klas.
- Leesmomenten afgestemd op het thema, zonder extra voorbereiding
Elke Labo-periode draait vijf weken rond één geïntegreerd thema vol taal- en wereldkennis. Themaplein sluit daar naadloos op aan met boeken die precies bij dat thema passen. Zo krijgen leerlingen extra kansen om zich te verdiepen in relevante woorden, begrippen en contexten. Voor de leerkracht betekent dat: een actueel, relevant en onderwijskundig verantwoord aanbod, zonder extra voorbereidingstijd. - Haal meer leeskilometers en meer leeskracht
Labo stimuleert dagelijks vloeiend lezen. Met Themaplein wordt het aanbod nóg rijker: leerlingen lezen meer, binnen hetzelfde thema, waardoor hun leesvaardigheid verbetert en hun tekstbegrip zichtbaar groeit. - Ervaar leesplezier door keuzevrijheid
Naast de teksten in de werk- en leesboeken van Labo biedt Themaplein leerlingen keuzevrijheid en autonomie. Ze kiezen zelf uit 20 themaspecifieke boeken die aansluiten bij hun interesses en leesniveau. Dat vergroot betrokkenheid én leesmotivatie. Themaplein vormt een dynamische bronbibliotheek met informatie, citaten en ideeën – ideaal voor verdere verkenning en diepgaande interpretatie. - Versterk kennisopbouw en woordenschat
Labo legt de basis met kennisrijke thema’s. Themaplein bouwt daarop voort: de boeken herhalen en verdiepen begrippen in een natuurlijke context. Leerlingen activeren hun voorkennis, leggen verbanden, verdiepen hun inzicht en breiden hun woordenschat duurzaam uit. Zo groeien taalvaardigheid, wereldkennis én leesplezier hand in hand.
Kortom: het pakket van Themaplein-Labo is een inspirerend, compleet en gebruiksklaar boekenaanbod voor elke klas die met Labo werkt!
Het lesmateriaal van Labo Taal en wereld en Labo Spelling verschijnt de komende schooljaren stapsgewijs, conform de timing van de nieuwe minimumdoelen:
- Schooljaar 2026-2027: 2e leerjaar en 3e leerjaar
- Schooljaar 2027-2028: 4e en 5e leerjaar
- Schooljaar 2028-2029: 6e leerjaar
Wordt verwacht
In juni 2027 treedt de nieuwe Code van de openbare weg in voege. Voor verkeer voorzien we daarom vanaf september 2027 Labo Verkeer: nieuw lesmateriaal om de doelen rond verkeer en mobiliteit te behandelen.