Interview: aanpak minimumdoelen
Vanaf september 2026 is het zover voor leerkrachten in het 1e, 2e en 3e leerjaar. Ze moeten hun leerlingen klaarstomen om de nieuwe minimumdoelen te behalen. Hoe anders worden lesgeven en leren daardoor? Met welke lesmethodes wordt die transitie haalbaar? Wij zochten en vonden oplossingen en antwoorden. Ontdek ze in dit interview met onze uitgeefdirecteur Nic Pappijn.
Zo pakken we de minimumdoelen samen aan
Het schooljaar lijkt pijlsnel voorbij te vliegen, want voor we het weten is het weer juni. Toch zal het schooljaar ’25-’26 elke leerkracht bijblijven, want de nieuwe minimumdoelen deden iedereen inzien dat we komende jaren veel nieuws en verandering op ons bord krijgen. De nieuwe minimumdoelen zijn namelijk ambitieuzer, talrijker én vroeger te behalen dan voorheen. Ze haalbaar maken kan dan ook alleen maar met een andere, vernieuwende aanpak. Als educatieve uitgeverij ondersteunen we leerkrachten en leerlingen bij die transitie met innovatieve nieuwe en herwerkte lesmethodes en sterke leerlijnen van in de kleuterklas tot in het lager. Hoe doen we dat concreet en waarmee kun je vanaf september 2026 aan de slag in de klas? We vroegen het aan onze uitgeefdirecteur Nic.
De komst van de minimumdoelen verandert veel voor leerkrachten, leerlingen en ook voor educatieve uitgeverijen. Wat maakt die verandering nu zo ingrijpend?
“Wel, ik denk dat die op vele vlakken uitdagend en ingrijpend is. In de eerste plaats gaan we de implementatie van een kennisrijk curriculum, wat toch het hoofddoel is van deze nieuwe minimumdoelen, vooral voelen in het leergebied dat we voorheen wereldoriëntatie noemden. Die inhouden geven we straks vanuit een meer wetenschappelijke insteek. Ze worden ook fors uitgebreid en vervroegd. Wat we nu geven in een derde graad komt straks één of meerdere leerjaren vroeger al eens aan bod. Of zeg het op niveau van de leerlingen: het wordt meer en moeilijker. Even goed heeft dat ook onmiddellijke impact op de taal die we daarbij zullen gebruiken, de termen en begrippen die we willen aanleren. Om complexere dingen uit te leggen, heb je nu eenmaal een complexere taal nodig. Plaats dat in een klascontext waarin het gemiddelde, talige niveau sowieso al een uitdaging was en je weet dat het ingrijpend wordt.”
“Daarnaast krijgen we met zijn allen ook niet zo veel tijd om die transitie uit te voeren. Dat daagt ons als uitgeverij uit om nieuwe leermiddelen te maken in een toch wel beperkte tijd. Tegelijk moeten de schoolteams dat ook allemaal in een strak tempo implementeren. Dus talmen en twijfelen is er niet bij, want de timing van de overheid is dwingend.”
“En ten derde is er de opvolging van de realisatie van de nieuwe minimumdoelen. Dat zal in de toekomst toch strikter gebeuren dan wat we nu kennen. De overheid heeft in het derde kleuter en het vierde leerjaar twee extra momenten waarop ze kan evalueren en heeft daarbij ook minimumdoelen die veel concreter zijn dan voorheen. Dat zijn twee voorwaarden die vervuld zijn als je als overheid de realisatie van je curriculum korter wil opvolgen. Dat nieuwe aspect krijgt voorlopig niet al te veel aandacht, maar schoolteams zullen dat toch vrij vlug voelen. Je zal die nieuwe minimumdoelen niet alleen moeten nastreven, je zal ze ook in voldoende mate moeten bereiken. Dus ja, als je je afvraagt of de nieuwe minimumdoelen impactvol zullen zijn, dan kan ik dat volmondig beamen.”
Is deze wijziging van de leerplannen anders dan andere
hervormingen, moeten leerkrachten zich nu meer zorgen maken?
“Je zorgen maken is niet de juiste grondhouding om dit aan te vliegen, denken wij. Integendeel, we mogen best blij zijn met de scheut ambitie die deze nieuwe minimumdoelen injecteren in ons onderwijs. En wij merken ook dat veel leerkrachten, samen met ons, die positieve grondhouding delen. Alleen zullen deze keer goeie intenties niet volstaan om tot het gewenste resultaat te komen. We gaan met zijn allen toch bepaalde dingen grondig moeten herdenken en ook anders aanpakken om die ambitie waar te maken. Deze hervorming aan je laten voorbijgaan zal echt niet lukken.”
Welke oplossingen biedt die Keure om de overgang naar het lesgeven en leren volgens de nieuwe minimumdoelen haalbaar en vlot te maken?
“Ons belangrijkste verhaal begon eigenlijk drie jaar geleden al. Toen zijn we gestart met het project Labo, onze nieuwe methode waarin we taal en wereldoriëntatie volledig integreren in één leermiddel. Labo is toen oorspronkelijk geconcipieerd om een antwoord te bieden op een andere belangrijke uitdaging in ons lager onderwijs: de dalende taligheid in de gemiddelde klas. In de volledige integratie van taal en wereld zien wij een kans om leerlingen door te lezen dingen beter te laten begrijpen, en omgekeerd beter te laten lezen omdat ze dingen begrijpen. Dat is een didactische keuze die niet nieuw is en ook elders wordt gebruikt, maar nog niet in Vlaanderen. Omdat wij al zo vroeg waren begonnen, kunnen we dit schooljaar met Labo 2 een testjaar lopen. En de resultaten zijn hoopgevend. De testers geven aan dat het begrip merkelijk gestegen is en dat zijzelf duidelijk ook tijdwinst ervaren als leerkracht. Dat laatste stelt de leerkrachten in staat om Labo 2 straks ook volledig af te werken. Die feedback sterkt ons ook in de overtuiging dat die diepgaande integratie ook dé manier is om de ambitieuze, nieuwe minimumdoelen met resultaat te onderwijzen.”
“Daarnaast zetten wij ook sterk in op de kleuterschool. Ook voor dat niveau zijn er bindende, nieuwe minimumdoelen. Zowel voor taal en wereld als voor wiskunde komen we daar met nieuwe leermiddelen die je flexibel maar zeer doelgericht kunt inzetten in je kleuterklas. Uitgeven voor het kleuter doen we al jaren met onder meer Krullenbol. Wij hebben daarin dus wel wat ervaring, en dat helpt ons nu ook voor deze nieuwe leermiddelen.”
“Dus: wij zijn alvast klaar voor de nieuwe minimumdoelen en willen leerkrachten daarbij maximaal ondersteunen.”
De timing die de overheid scholen en uitgeverijen oplegt om met aangepast lesmateriaal te werken, is inderdaad heel strak. Waarmee kunnen leerkrachten in september (2026) al starten?
“Wij proberen daarin de timing van de overheid te volgen. Volgend schooljaar komen er materialen voor het kleuter (mol en beer kleuter en Kadet kleuter), voor Labo wordt dat leerjaar 2 en 3 en voor Kadet, onze aangepaste wiskundemethode, wordt dat de eerste graad. Daarnaast komt er ook al een aangepaste versie van Passepartout, onze methode Frans. Vanaf september 2027 bouwen we dan verder, met onder meer een aangepast aanbod voor het eerste leerjaar. Die planning is de maximaal haalbare keuze als we nog kwaliteit willen garanderen. Het is ook de juiste timing om als school te volgen als je juist wil uitkomen met de Vlaamse Toetsen.”