die Keure Educatief

MATTI EN MONA (KLEUTER) | MOL EN BEER | LABO

Week van het Nederlands

De jaarlijkse Week van het Nederlands is een ode aan de Nederlandse taal. Deze editie loopt van 10 tot 18 oktober 2026 en belicht het thema ’taal in beweging’. Taal leeft, verandert van richting en vindt zichzelf telkens opnieuw uit. Maar ook de individuele taalvaardigheid van elk kind beweegt: van in de kleuter klas tot het lager groeit de taalkennis enorm. Om die groei zo consistent en met zo veel mogelijk leerwinst te laten verlopen, volgen onze methodes taal en wereld een leerlijn die doorloopt van kleuter tot lager. Ontdek verder ook ons aanbod taalinitiatie voor kleuter- en lager onderwijs.

Aanbod taal én wereld

Ons aanbod Nederlands zit verweven in een bredere leerlijn taal en wereld van het kleuter t.e.m. het 6e leerjaar. De blended lesmethodes binnen die leerlijn zijn zinvol geïntegreerd met elkaar, zo volgen ze allemaal een herkenbare opbouw volgens het EDI-model en combineren ze de doelen van Nederlands met die van de vakdisciplines aardrijkskunde, geschiedenis en wetenschap en techniek (wat wij bundelen onder de noemer wereld). De integratie van taal en wereld zorgt voor meer leerwinst bij leerlingen en tijdwinst voor leerkrachten. 

mol en beer kleuter

Met mol en beer kleuter oefenen kleuters vanaf 3 jaar de leesvoorwaarden. We bouwen aan een sterke, kennisrijke woordenschat en oefenen systematisch het fonemisch bewustzijn met klanken en letters. Het eerste doen we met een reeks gekke avonturen met mol en beer in zes verhalen per kleuterjaar. Voor het fonemisch bewustzijn werken we met een aparte leerlijn in lesfiches. Zo oefenen kleuters via die verhalen en de specifieke activiteiten volop de nieuwe minimumdoelen van Nederlands en de wereld.

mol en beer

Met de methode aanvankelijk lezen mol en beer leren leerlingen in het 1e leerjaar lezen volgens een specifieke en vooral leuke aanpak met motiverende themafiguren, een virtuele oefenwereld en heel veel leesmateriaal. Met mol en beer leren kinderen lezen op een manier die tegelijk structuur en oefening biedt maar ook uitdaagt om de boeiende wereld van letters, woorden en zinnen te ontdekken. Mol en beer krijgt tegen sepember 2027 ook een herwerking met o.a. nog meer oefenkansen, nieuw leesmateriaal en extra aandacht voor begrijpend lezen. Vanaf schooljaar 2027-2028 verschijnt de aanvullende uitgave de wereld van mol en beer, die de doelen van de vakdisciplines rond wereld behandelt. Ook daar zullen Mol en Beer de themafiguren zijn en volgt de leerstof dezelfde thema’s als in de methode aanvankelijk lezen.

Labo

Van het 2e t.e.m. 6e leerjaar gaan leerlingen verdere met de sterke visie en leerlijn van de innovatieve methode Labo, die de doelen van Nederlands én wereld inhoudelijk en visueel volledig integreert in één methode. In Labo blijven we ook het technisch lezen verder oefenen met een eigen leerlijn en specifieke leesoefenstof. Labo bestaat uit Labo Taal en wereld en Labo Spelling, vanaf september 2027 vullen we het aanbod aan met Labo Verkeer.

Aanbod taalinitiatie Nederlands

Ook voor de kleinsten onder ons die moeite hebben met taal of anderstalige leerlingen die voor het eerst kennis maken met het Standaardnederlands, kan Nederlands leren leuk zijn! Om dat te bewijzen delen we leuke voorbeelden uit onze methodes taalinitiatie Matti en Mona kleuter en Matti en Mona als tip voor in de klas. 

Speel met woorden

Beginnen doen we graag met de allerkleinsten! Nederlands leren start namelijk al in de kleuterklas, op een speelse en actieve manier. Zo biedt de methode Matti en Mona kleuter kleurrijke, tastbare (spel)materialen aan om te oefenen op Nederlandse woorden. Een memoryspel, kleurendraaischijf of een kleurendobbelsteen … Onze tip voor jullie is dan ook om Nederlands op veel verschillende manieren en in talrijke (spel)vormen aan te reiken! 

Kleuren en groepen

Voor kleuters is het ook handig om Nederlandse woorden in te delen in (kleuren)categorieën. Zo help je jouw kleuters beter linken te leggen tussen woorden die semantisch bij elkaar horen, tot dezelfde woordsoort behoren, antoniem of synoniem zijn van elkaar,  hyperoniem (bv. voertuig) of hyponiem (bv. trein) zijn enzovoort. Ter illustratie: in onze methode Matti en Mona kleuter verdelen we woorden in vijf (kleuren)groepen: geel = wie (de juf, het kind), rood = doen (zitten, kijken naar, buiten <-> binnen), bruin = wat (de koek, het raam), paars = waar (in de boekentas, op de bank) en groen = hoe(veel) (open <-> toe, licht <-> donker, blij <-> verdrietig). 

Herkenbare thema's

Verder is het ook belangrijk om woorden uit herkenbare contexten aan te reiken. In Matti en Mona voor het 1e t.e.m. 6e leerjaar ontdekken leerlingen woorden per blok enkele thema’s uit hun leefwereld zoals bv. de school, de kleuren, de seizoenen, het weer, de kledij, de gevoelens, groenten en fruit, het vervoer en feesten zoals Kerstmis en Sinterklaas. In de kleuterklas zijn thema’s zoals opruimen, aan de knutseltafel, op de speelplaats en in de turnzaal dan weer heel herkenbaar.

Beeldwoordenboekje

Naast het uitzicht van het woord en de uitspraak ervan, wordt een Nederlands woord ook beter verankerd als het visueel wordt voorgesteld. Het is daarom een grote aanrader om bij het aanleggen van het woordenboekje van je kleuter of leerling ook een afbeelding of illustratie van de betekenis van het woord op te slaan. Je kunt zo’n beeldwoordenboekje op papier of digitaal maken in de klas, de methode Matti en Mona zet alvast beide versies in. 

Verhalen bouwen

We haalden al aan dat anderstalige of taalarme leerlingen best kennismaken met Nederlandse woorden uit hun eigen leefwereld. Verder gaat het begrijpen en onthouden van woorden nog beter als je de woorden binnen die herkenbare context gebruikt in een specifiek verhaal. Matti en Mona kleuter zet bv. papieren en interactieve (digitale) verhaalplaten in op het platform Kabas om kleuters woorden aan te leren. Voor het lager zijn er verhaalplaten op papier, maar ook digitale klikverhalen op Kabas die je met of zonder ondertiteling (karaokestijl) kunt laten zien. 

Veel luisteren

Wie een taal wil leren, moet vier vaardigheden goed onder de knie krijgen. Twee daarvan zijn passief (lezen en luisteren), de andere twee actief (spreken en schrijven). Vooraleer een kind actief het Nederlands kan gebruiken, is het belangrijk eerst voldoende passief met de taal kennis te maken. Dat betekent veel woorden visueel leren herkennen (lezen), maar die op datzelfde moment ook auditief leren begrijpen (horen of luisteren). Lees de woorden bij het tonen van een (digitaal) (woord)beeld dus ook telkens voor of voorzie een voorleesfunctie die leerlingen zelf kunnen aanklikken.

Woordkaarten

Een klassiek oefenmiddel om de geziene woorden te herhalen of in te oefenen, zijn woordkaarten. Maak ze kleurrijk en aantrekkelijk zodat ze je leerlingen blijven motiveren en combineer steeds het geschreven woord met een passende afbeelding. Op 4 oktober is het bijvoorbeeld bijzonder leuk om de woordkaarten af te stemmen op Werelddierendag! Met Matti en Mona ontdekken leerlingen tijdens het thema dieren woorden zoals zebra, beer en slang met woordkaarten en een beestig klikverhaal.

Digitaal oefenen

Uit de eerdere tips maak je al op dat het loont om zowel fysiek op papier Nederlands te oefenen als digitaal. Op het platform Kabas bieden de methodes van Matti en Mona heel wat verschillende digitale oefeningen aan om samen met de klas of individueel als leerling te maken, zoals woordenschatoefeningen en een digitale memory. 

Gratis ontdekpakket

Benieuwd naar meer van taalinitiatie Nederlands met  Matti en Mona kleuter of Matti en Mona? Laat je contactgegevens na en we bezorgen je graag een gratis ontdekpakket op school. 

Een kijk in de kleuterklas

Tot slot inspireren we je nog met enkele aanstekelijke sfeerbeelden vanuit de kleuterklas. Deze kleuters gaan alvast enthousiast aan de slag met het materiaal van Matti en Mona kleuter om spelenderwijs Nederlandse woorden te leren.