die Keure Educatief

LABO

Geschiedenis met een vleugje humor

Alles wat we overerven van vorige generaties en wat we het bewaren waard vinden voor de volgende, vatten we samen met het begrip ‘erfgoed’. En erfgoed moeten we koesteren, daarom vieren we op zondag 26 april 2026 Erfgoeddag in Vlaanderen. Het ideale uitgangspunt voor een les geschiedenis! Dit jaar is het thema ‘HAHA Humor‘, dus maak je maar klaar om een grappig sprongetje te maken naar het verleden. Ontdek alvast de soorten erfgoed en enkele komische, historische uitspraken om uit te pluizen in de klas.

Soorten erfgoed

Er bestaan drie soorten erfgoed. Bespreek elke soort en wat voorbeelden met je leerlingen zodat ze het brede en soms abstracte begrip erfgoed beter leren te begrijpen.

🏞️ Natuurlijk erfgoed staat voor natuurlijke sporen uit het verre, eeuwenoude verleden (bv. het Zoniënwoud dat zich uitstrekt over Vlaanderen, Wallonië en Brussel).

👘 Cultureel erfgoed staat voor sporen naar het verleden door menselijke activiteiten en bestaat uit twee categorieën:

  1. Materieel erfgoed omvat vaststaande en verplaatsbare voorwerpen, bijvoorbeeld monumenten, klederdracht, recepten (bv. De Grote Markt van Brussel, de Mont Saint-Michel in Frankrijk en de kimono in Japan).
  2. Immaterieel erfgoed is daarentegen niet vast te grijpen, bijvoorbeeld een lied, een verhaal, een optocht … (bv. Aalst Carnaval en de cultuur rond het Belgisch of Brabants trekpaard)

🏖️ Gemengd erfgoed (natuur en cultuur) staat voor sporen die door mensen achtergelaten zijn in de natuur (bv. de biodiversiteit en cultuur van Ibiza en het historisch eigendom van Machu Picchu). 

Humor in erfgoed

Dit jaar verkennen de activiteiten voor Erfgoeddag hoe humor bruggen slaat én grenzen trekt. Humor is en was ook overal in onze geschiedenis: van de satire van de nar tot de knipoog van een internetmeme. Soms ontwapenend, soms pijnlijk raak, soms net op het randje. Hoe bracht en brengt lachen ons nog steeds samen? Kunnen grappen ook grenzen overschrijden, kwetsen of mensen buitensluiten? Humor verandert mee met de tijd en vertelt ons iets over wie we zijn – én wie we waren. Ben je benieuwd naar alle activiteiten? Je ontdek ze op erfgoeddag.be.

Grappige historische uitdrukkingen

Ook wij gingen op zoek naar de link tussen humor en geschiedenis, maar dan in samenhang met taal! Er bestaan namelijk ontzettend veel vaste Nederlandse uitdrukkingen en gezegden van historische oorsprong. Een paar daarvan zijn ook best grappig als je ze letterlijk zou nemen! Vanwaar komen die ‘grappige’ uitspraken? Wij namen ze onder de loep!

1, 2, 3, 4 hoedje van papier

Dit zinnetje komt uit een bekend kinderliedje uit 1831, ontstaan rond de Belgische onafhankelijkheid. Waarom een hoedje van papier? Nadat de Zuidelijke Nederlanden hun onafhankelijkheid hadden uitgeroepen, wilde koning Willem I weer vat krijgen op de opstandige Belgen. Hij verplichtte de militairen in zijn leger een uniform met een hoofddeksel te dragen. Het lukte echter niet om voor iedereen op tijd een leren en stoffen hoofddeksel te voorzien. Plattelandsschutters kregen daarom een papieren hoed, overtrokken met een wasdoek. Dat hoofddeksel kreeg al snel de bijnaam ‘hoedje van papier’.

Alle gekheid op een stokje

Deze zin betekent zoveel als: laat ons nu alle gekheid aan de kant schuiven en de zaak in ernst behandelen. De stok waarnaar verwezen wordt is de gekstok of marot van de nar, een vaste figuur aan het hof tijdens de middeleeuwen en de renaissance. Zo’n nar droeg een bont pak met puntige lapellen en op het hoofd een narrekap met belletjes of een zotskap met ezelsoren en schellen. Daarnaast hield hij ook een zotskolf vast met het opvallende hoofd van Momus op, de god van de dwaasheid: de gekheid op een stokje dus.

Dat is een broodjeaapverhaal

Een vreemd en zogezegd waargebeurd verhaal dat eigenlijk grote onzin is, noemt men broodje aap of een broodjeaapverhaal. Deze uitdrukking stamt uit de folklore-verhaal van de post-industriële samenleving, waarin een onthoofd en gevild lijk wordt gevonden bij een hotdogkraam. Uiteindelijk blijkt het niet om de lichaam van een mens, maar om dat van een gorilla te gaan. De eigenaar van het hotdogkraam had namelijk kadavers van dode apen opgekocht bij de plaatselijke dierentuin om ze te verwerken in zijn broodjes en die te verkopen aan hongerige, nietsvermoedende burgers. Letterlijk een broodje aap!

Eenheidsworst

Met deze term geven we vandaag aan als wie iets ‘veel van hetzelfde’ vinden. Maar oorspronkelijk ging het woord weldegelijk over een echte worst. In november 1916 ontstond namelijk de ‘Einheitswurst’ als gevolg van de voedselschaarste door de Eerste Wereldoorlog, een goedkope worst die voor iedereen beschikbaar zou zijn. In 1918 werd het idee ook overgenomen in Nederland. De eenheidsworst bestond voor 15% uit smaakmakers zoals suiker, kruiden en zout. Na de oorlog verdween de worst, maar de term bleef bestaan met een nieuwe figuurlijke betekenis.

Heilig boontje

Zo noemen we iemand die zich overdreven braaf, netjes of behulpzaam gedraagt, maar dat niet oprecht doet. Hoewel je het misschien zou vermoeden, heeft de uitdrukking niets met bonen te maken. ‘Boontje’ komt namelijk van ‘bontje’, waar men in de 18de eeuw een weeskind mee aanduidde (vermoedelijk door de bonte kleding die weeskinderen droegen). De woorden betekenden dus een heel braaf of vroom weeskind, waarschijnlijk ironisch bedoeld. De latere aanpassing naar ‘boontje’ zou dan weer gelinkt zijn aan de oude traditie van de Driekoningenboon.

Hou je waffel!

Ja, waffel komt hier echt van wafel! Nu betekent het dat iemand zijn mond moet houden, maar vroeger had de zin een ‘wafel’specifieke betekenis. Wafels bakken was voornamelijk vrouwenwerk. Vrouwen die wafels bakten, riepen vaak “Hou je waffel!” naar elkaar. Daarmee bedoelden ze dat ze hun aandacht bij de wafel moesten houden, om te voorkomen dat hun beslag uit het wafelijzer liep of de wafel aanbrandde.

Bron: benieuwd naar meer uitdrukkingen met een historische oorsprong? Surf naar historiek.net.

Taal en wereld met Labo

Sinds de nieuwe minimumdoelen vormt geschiedenis één van de verschillende vakdisciplines in het lager onderwijs. In onze nieuwe methode Labo worden zowel taal als wereld (= de doelen voor geschiedenis, aardrijkskunde en wetenschap & techniek) diepgaand gecombineerd, zodat leerlingen nog meer leerwinst boeken en jij als leerkracht tijdwinst.