Je gebruikt een verouwderde browser. Upgrade je browser voor een betere surfervaring op deze website.

Typfouten: frustratie of eigen aan chatten?

Voor wie ondertussen weer naar school of het werk mag, voelt het mondelinge menselijke contact aan als een grote luxe. De voorbije maanden hebben we namelijk vooral in afzondering doorgebracht, al betekent dat niet zonder communicatie. Integendeel, want door het gemis van onze familie en vrienden hebben we massaal online contact gehouden en gecommuniceerd. E-mails, chatberichten op Messenger en WhatsApp, videocalls op Skype, Teams en Zoom… Dankzij internet en smartphones zijn we gelukkig niet volledig vereenzaamd. Of die geschreven online communicatie wel zo feilloos was, is een andere vraag.

De typ- en spellingsfouten waren nog nooit zo talrijk: logisch, nu we zo vaak (noodgedwongen) chatten. We hebben ons allemaal wel eens geërgerd aan onze eigen fouten en die van anderen. Dt-fouten, jou i.pv. jouw, zij i.p.v. zei, autocorrect die ‘verrassingsaanval’ maakt uit ‘verrassing’ en ‘geslacht’ uit ‘geslaagd’. Maar zijn we even genadeloos voor die schrijffouten als voor fouten in artikels en boeken? Of valt het best mee als we chatberichten lezen? Misschien helpt het om wat in te zoomen op de kenmerken van chattaal…

Chattaal_BOON

Chattaal ontstaat wanneer twee of meer personen online met elkaar communiceren door woorden en zinnen te typen. Anders dan bij e-mail gebeurt chatten synchroon omdat gesprekspartners tegelijk online zijn en er een snel heen-en-weergesprek gevoerd wordt. Wat opvalt bij chattaal, is dat je het niet als pure ‘geschreven taal’ of ‘gesproken taal’ kunt beschouwen. Je schrijft of typt je boodschap wel, maar probeert daarbij zo goed mogelijk na te bootsen hoe je spreekt. Toch zou je ook wat je typt niet altijd letterlijk zo uitspreken, bijvoorbeeld bij afkortingen als ‘ff’, ‘brb’ en ‘idd’. We kunnen chattaal dan ook beschouwen als een apart genre op zich dat kenmerken van gesproken en geschreven taal bevat, maar tegelijk ook eigen genregebonden eigenschappen vertoont. Hieronder sommen we alvast vier basiskenmerken van chatten op:

1. Je schrijft zoals je spreekt

Dit doe je door naast standaardtaal ook spreektaalvormen en informele taal te gebruiken. Je gebruikt bij het chatten dus verschillende taalvarianten en doet dus aan code-switching. Enkele voorbeelden:

  • dialect
  • tussentaal
  • het weglaten van een eind-n (lache) of een -e- voor de eind-n (lachn)
  • enclitische of aaneengesloten vormen zoals kwil en tkan

 

2. Je schrijft zo snel mogelijk

Tijdens het spreken gebruik je per minuut wel 100 tot 120 woorden. Schrijven of typen gaat daarentegen veel trager. Als je toch het dialooggevoel van spreektaal wil creëren tijdens een chatgesprek, moet het snel gaan. Te traag typen en reageren kan namelijk frustrerend zijn voor je gesprekspartner(s) en ook tot misverstanden leiden als je met meerdere personen chat. Daarom ga je automatisch snel typen én je taal aanpassen. Dat doe je bijvoorbeeld door:

  • korte woorden en zinnen te gebruiken en overbodige woorden weg te laten (ben moe i.p.v. ik ben moe)
  • hoofdletters en leestekens zonder expressieve functie weg te laten.
  • afkortingen te gebruiken door enkele klinkers en medeklinkers weg te laten zoals wss, idd, mss en vnvnd (vanavond)
  • acroniemen of letterwoorden te gebruiken zoals de Engelse vormen omg (oh my god) en brb (be right back)
  • alternatieve schrijfwijzen te gebruiken die korter zijn dan het oorspronkelijke woord zoals ma (maar), n (een), nix (niks/niets) en ni (niet)

 

3. Je schrijft expressief

Hét grote voordeel aan mondelinge gesprekken: je kan op verschillende manieren je gevoelens uitdrukken. Denk maar aan intonatie, handgebaren en gezichtsuitdrukkingen. In geschreven taal en chattaal is dat moeilijker. Dat proberen we te compenseren door expressief te gaan typen op de volgende manieren:

  • leestekens gebruiken (Da meen je niet??!)
  • hoofdletters inzetten (ZALIG)
  • woorden herhalen (hint hint)
  • emoji’s of emoticons gebruiken (onnozelaar 😉 :D)

 

4. Je schrijft vaak Engelse woorden

Dit komt omdat Engels een universeel kenmerk is binnen het genre van chattaal. In chatgesprekken van jongeren gelden namelijk internationale chatconventies die Engelstalig zijn zoals het acroniem omg, maar ook de gewone spreektaal onder jongeren bevat heel wat Engelse termen. Hoe jonger de chatters, hoe creatiever wordt omgegaan met Engelse woorden. Engels kan op meerdere manieren in chatberichten gebruikt worden:

  • als algemeen woord in een zin dat het Nederlandse alternatief vervangt, bijvoorbeeld checken i.p.v. controleren of nagaan, cheap i.p.v. goedkoop en nice i.p.v. leuk of tof
  • als antwoorden die bestaan uit één woord zoals nope en yes
  • via een vernederlandsing van een Engels woord: olraaijt (alright), lof joe (love you), baaj baaj (bye bye)

 

De talrijke typ- en schrijffouten in chatberichten kunnen we dus wel toeschrijven aan het genre of de tekstsoort van ‘chattaal’. Ze ontstaan omdat we spreektalig proberen te klinken, ons duidelijker willen uitdrukken en vaak omdat we heel snel typen. Tijdens het chatten kunnen we daarom - ondanks kleine frustraties - toch meer taalfouten door de vingers zien dan in andere situaties 😉

Zo zie je maar dat een correct, duidelijk of aanvaardbaar Nederlands taalgebruik heel vaak afhangt van de specifieke tekstsoort. Het belang van context is dan ook iets waar onze nieuwe methode Nederlands BOON sterk op inzet. BOON plaatst de tekstsoort centraal. Vanuit die tekstsoort oefenen leerlingen verschillende vaardigheden in: de receptieve, productieve en interactieve, zowel schriftelijk als mondeling. Taalbeschouwing en taalsystematiek komen geïntegreerd aan bod bij de vaardigheden.

BOON is de nieuwe methode Nederlands voor de 1e graad A-stroom en voor de 2e en 3e graad ASO, TSO en KSO. De uitgave is geschikt voor alle netten en zal perfect aansluiten bij de nieuwe eindtermen. De methode biedt een nieuwe kijk op het vak Nederlands. Het is een doelgerichte methode Nederlands met een frisse en actuele inhoud. BOON richt zich naar leerkrachten die doelbewust afwisselen tussen leerkrachtgestuurd en leerlinggestuurd onderwijs. De methode is modulair opgebouwd en plaatst de tekstsoort centraal.

 

Blijf op de hoogte en schrijf je in op onze nieuwsbrief